2012
Eén van de uitgangspunten voor goede ouderenzorg is dat aandacht voor levensvragen bij ouderen vanzelfsprekend zal moeten worden opgenomen in het beleid van zorg- en welzijnsinstellingen. Met studenten van de opleiding Seniorenconsulentenvorming is een project opgezet rond levensvragen. De opleiding Seniorenconsulentenvorming is een Vlaamse opleiding die zich richt tot volwassenen die hun kennis over ouderen willen vergroten en daarmee beroepsmatig aan het werk gaan.
Een vrouw die nooit wat zegt maar nu langzaam weer wat begint te praten. Een man die verhalen vertelt over vroeger die verzorgenden nog niet kenden. Maar vooral: vrolijke ouderen met een glimlach op het gezicht. Het zijn de resultaten van een kunstproject bij Pleyade, in verpleeghuis Eldenstaete in Arnhem waar dementerende mensen wonen. De installatie bestaat uit twee omafietsen en een groot panoramascherm en brengt de ouderen zowel fysiek als mentaal in beweging. Wordt er op de trappers getrapt, dan komen op het scherm een rijk scala aan figuranten voorbij; te paard, op de fiets, met kinderwagen of zomaar wandelend.
In het sociale domein is een nieuw elan aangebroken; burgers nemen zelf het roer in handen om de leefbaarheid te vergroten. Leefbaarheid in dorpen en wijken is voor iedereen belangrijk, maar zeker voor mensen met een beperkte mobiliteit zoals zorgafhankelijke ouderen. Ouder worden hangt samen met toenemende kwetsbaarheid, maar oudere bewoners zijn ook een potentiële kracht voor vernieuwing en eigen initiatief.
Hoe voorkomen we dat de ouderdom een parodie op het leven wordt? Die vraag stelde Simone de Beauvoir vijftig jaar geleden aan het eind van haar boek De Ouderdom. Gepassioneerd blijven, was haar antwoord. Helemaal mee eens, maar hoe doe je dat? Ik denk zelf dat we op tijd een eigen levensstijl moeten ontwikkelen. Ik bedoel natuurlijk geen commerciële lifestyle. Ik heb het niet over samen over de Veluwe fietsen, hoe ontspannend dat ook mag zijn. Hoe kun je tijdig een persoonlijke manier van leven ontwikkelen, waarmee je gepassioneerd je oude dag in gaat?
Om te beginnen weet je op middelbare leeftijd onderhand echt wel wat er fout is gegaan, welke onteigeningen je hebt ondergaan. Dan besef je wat je lot, je ouders of de heersende tijdsgeest voor jou onmogelijk gemaakt hebben. De vraag is echter of je je daar intussen werkelijk mee hebt verzoend, of je ermee hebt leren leven. Vervolgens, hoe moet het nu verder, wat vind je werkelijk van belang, waarop focus je en welke ballast gooi je nu eindelijk eens overboord? Ten derde, met welke mensen of zaken engageer je je, en van welke mensen neem je voorgoed afscheid? Ten vierde: heeft je leven inmiddels de juiste samenhang, of blijft het worstelen met de spanning tussen je verschillende rollen en ambities? Ten slotte: goed ouder worden gaat niet alleen over een actieve lifestyle, maar ook over het stileren van een zekere gelatenheid en overgave. Naarmate we ouder worden en het grootste deel van ons leven achter ons hebben, raken we anders in de tijd. Als het leven meer herinneringen biedt dan verwachtingen, wat betekent dan de roep om passie? Dat we moeten leren om onze ziel in lijdzaamheid te bezitten. We zijn en blijven eindige en kwetsbare wezens en dat moeten we aanvaarden.
Kortom: de kern van een laatmoderne levensstijl voor ouderen is om een balans te vinden tussen actief beheer en overgave. Het is heel belangrijk dat we voor onszelf ons leven steeds opnieuw toe-eigenen. Tegelijkertijd moeten we leren leven met onze beperkingen, met wat niet meer kan, met verlies. Misschien is dat wel de moeilijkste passie.
Toen ik vijftien was raakte ik bevriend met een oude man. Gerhard was precies zeventig jaar ouder dan ik en dat viel mij uiteraard op. Zijn kale hoofd was bedekt met grote bruine ouderdomsvlekken, die ook zijn zwaar gerimpelde en ietwat trillende handen bedekten, zijn ogen keken waterig door een bril, zijn wangen hingen los op zijn gezicht en hij liep licht voorovergebogen met wankelende pas.
Ik vond hem stokoud en besefte toen niet dat hij nog een heel end te gaan had. Want al liep hij aanzienlijk langzamer dan ik en met minder vertrouwen, hij reisde met zijn weifelende pas nog altijd vrolijk de wereld rond. Zo rondreizend belandde hij ook bij mij in Amsterdam. Daar namen wij de taxi naar het restaurant omdat het net iets te ver lopen was voor hem. En toen we na het eten even langs de grachten wandelden, stak hij zijn arm door de mijne om wat beter vooruit te kunnen. Ik was zeventien, jong, snel en sterk en vond het sneu: zo oud, zo langzaam, zo onvast.
Bijna tien jaar later, toen hij vijfennegentig was en vele malen gebrekkiger, zou ik niet meer met medelijden naar hem kijken. Integendeel. Naarmate Gerhards lichaam het meer liet afweten, groeide mijn bewondering. Waar ik er al lang de brui aan had gegeven, bleef hij vol goede moed. Toen zijn ogen zo slecht waren geworden dat hij de krant en zijn boeken niet meer kon lezen, luisterde hij naar het nieuws op de radio en naar gesproken boeken. In plaats van de wereld rond te reizen, haalde hij oude dia's uit de doos en reisde zo door zijn herinneringen. En toen zijn benen het zodanig lieten afweten dat hij nog maar enkele meters kon lopen, verkondigde hij fier dat hij nog altijd naar de derde lantaarnpaal kon gaan.
Terwijl hij over de stoep wankelde, keek ik met mijn nog welgeschapen lichaam naar dat zwak gebrekkig lijf waarin een geest school die zo ongelofelijk veel sterker was dan de mijne. Nog altijd droom ik ervan ooit zo krachtig te zijn dat ik met oprechte voldoening en trots zal kunnen zeggen: ik kan nog naar de derde lantaarnpaal lopen.
Het oude lijf wordt langzaam kwetsbaar. Is ouder worden een ziekte die te genezen is, of is het een natuurlijk proces waarbij je je moet neerleggen? Dit artikel biedt een globaal overzicht van de wetenschappelijke stand van zaken over lichamelijke veroudering. En laat zien hoe de geriater aankijkt tegen goede zorg voor het ouder wordende, zieke lijf.
Het oudere lijf kan zijn gebreken hebben, maar de vraag is of en hoe die van invloed zijn op de seksualiteit van ouderen. Daarbij komt dat seksualiteit slechts gedeeltelijk een lichamelijke aangelegenheid is. Ze is verweven met de diepgewortelde behoefte van mensen om zich verbonden te voelen met de ander en met cultureel bepaalde opvattingen over wenselijk gedrag.
'Het lichaam is ouderen meer tot lust dan tot last.'
MET BEGELEIDING OP MAAT
Een oud maar vitaal lichaam is zeker meer een lust dan een last en kan ruimte blijven geven aan een gezonde geest; mens sana in corpore sano geldt dus tot op hoge leeftijd! Een oud en fragiel lichaam is vaak meer een last dan een lust, maar kan zeker ook een lust blijven als we ervoor zorgen dat we de fragiliteit verminderen of in ieder geval niet erger laten worden én als we ervoor zorgen dat de geest die in het breekbare lichaam schuilt ruimte voor eigenheid en ontplooiing blijft houden. De perceptie van wat lust of last is, is voor elke oudere anders en dit betekent dat elke oudere met een fragiel lichaam begeleiding op maat behoeft. Ja, dan kan elke oudere, zelfs in een breekbaar lichaam, met passie als authentiek en gewaardeerd individu sociaal blijven participeren. Ook het op adequate wijze ondersteunde breekbare lichaam kan voor ouderen dus meer tot lust dan tot last blijven.
Prof. dr. Jos MGA Schols
Hoogleraar ouderengeneeskunde, Universiteit Maastricht
De natuurlijke driftmatigheid dooft met de leeftijd niet per se uit, enkel het omhulsel, het oude lijf, verliest zijn tekens van de jeugdige aantrekkelijkheid. Het vuur smeult, maar wordt niet door een lichamelijkheid vol vlammende fakkels uitgedragen. Deze gedachte vindt men terug in de beeldcultuur.
Volgens Rudi Westendorp is de zorg voor ouderen, na het uitroeien van kindersterfte en terugdringen van sterfte op middelbare leeftijd, de grootste uitdaging voor artsen en professionals in de gezondheidszorg. Dat vereist wel een brede blik die uitgaat van zowel de biologische en sociale aspecten van veroudering (gerontologie) als de medische aspecten van zorg voor ouderen (geriatrie). Alleen dan kun je begrijpen wat ouder worden met een gebrekkig lijf betekent: "Het is imposant te zien hoe in zieke lichamen gezonde geesten leven. Het is voor ons moeilijk voor te stellen, maar een falend lichaam kan onze geest mooier, intensiever en beter maken." Meesterschap over het leven noemt Westendorp dat.
Artistieke representaties van hoge leeftijd zijn vaak gebaseerd op metaforische beelden. Vallende bladeren symboliseren het najaar van het leven, een oude en een jonge hand die naar elkaar zijn uitgestoken staan voor een schakeling tussen de generaties en een kapotte klok herinnert ons aan de onomkeerbaarheid van het leven. Ik besteed aandacht aan de metafoor van het krimpen, die heden ten dage in diverse uitingen over het ouder worden naar voren komt en ons beeld van de oudere mens sterk beïnvloedt.
Vanwege het twintigjarig bestaan van de Longitudinal Aging Study Amsterdam (LASA) vond op 10 november 2011 de LASA-publieksdag 'licht op later' plaats. Tijdens deze dag deelde LASA-onderzoekers hun kennis met het grote publiek. De dag was allereerst bedoeld voor ouderen die van heinde en ver kwamen aangestroomd, waaronder vertegenwoordigers van ouderenorganisaties en ouderen die participeren in het Nationaal Programma Ouderenzorg (ZonMw), maar professionals, beleidsmedewerkers en andere belangstellenden waren aanwezig. En dag met interessante inzichten en inspirerende uitwisselingen.
In 2011 kwamen twee boeken uit waarin in elk het leven van een man op leeftijd centraal staat. In het eerste boek De honderdjarige man die uit het raam klom en verdween staat het elven beschreven van Allan Karlssons. Dit lijvige boek is de debuutroman van Jonas Jonasson (1962, Zweden), die eerder door het leven ging als journalist en media-adviseur, maar zich nu helemaal in het schrijven heeft gevonden. Julius G.M. Hammer is de hoofdpersoon uit het boek Bittere Bloemen, geschreven door Jeroen Brouwers, de woordkunstenaar die trefzeker een oude man weet neer te zetten, en wel een man die lijdt.
Hoe gaan mensen om met hun ouder wordend lichaam? Twee portretten van twee benaderingen: Marga van Praag laat de natuur haar gang gaan terwijl Pim Christiaans alles doet om de negatieve verschijnselen van het ouder worden uit te stellen.
Er zijn veel dingen die ons angst aanjagen als we naar de ouderdom kijken: eenzaamheid, luiers, Alzheimer, kunstgebit, rollator, afhankelijkheid, rolstoel, rimpels, verlies van pincodes, van urine en tenslotte van je hele leven in de dood. Maar er is geen alternatief voor een leven zonder oud worden. Wij beseffen dat geboren worden onvermijdelijk betekent dat er ook een overlijden op de agenda is geplaatst.
De samenleving vraagt om nieuwe concepten van samen leven en van samen zorgen op wijkniveau. Nieuwe concepten vereisen een goede theoretische onderbouwing, een visie op zorg die gedeeld wordt en een praktische en integrale aanpak. Ervaringen in Moerwijk laten zien hoe dat in de praktijk uit kan pakken.
In 2004 noemde de American Association of Retired People (AARP) Nederland het beste land ter wereld om in te leven voor ouderen. In die beoordeling speelde naast de pensioenen en de gezondheidszorg ook de mobiliteit een rol. De Amerikanen waren met name gecharmeerd van de Vrij Reizen dagen voor 60-Plussers bij de NS. Een goed functionerend, goed toegankelijk en wijd vertakt openbaar vervoer netwerk is een direct belang van ouderen. De vrij reizen dagen van de NS waren hierbij voor de AARP de kers op de taart. Mooi, maar daarmee is de mobiliteitsbehoefte van de groeiende groep senioren nog niet gedekt.
In de academische wereld wordt veelvuldig een beroep gedaan op jonge onbezoldigde studenten, maar niet op oudere onbezoldigde vrijwilligers. En dat terwijl de ervaring toont dat deze vrijwilligers zeer betrokken kunnen zijn en kwaliteit kunnen leveren, zeker bij onderzoek onder ouderen.
Woodstock, de woonvoorziening voor oudere dak- en thuisloze verslaafden in Den Haag bestaat sinds 2008. Het is opgericht door de Haagse GGz-instelling Parnassia. Er wonen drieëndertig verslaafden variërend van 45 tot 72 jaar. De professionals van Parnassia merkten dat een groeiende groep dakloze en verslaafde mensen maar bleef terugkomen, niet afkickte, ouder werd en behoefte kreeg aan een vaste plek. Hierdoor ontstond het idee voor een woonvoorziening voor deze groep en is uiteindelijk Woodstock geopend.